160 BEZIT VAN HEERLIJKHEDEN 72 H.M. Kesteloo, 'De stadsrekeningen van Middelburg, IX (1700-1810)', Archief, vroe gere en latere mededeelingen voornamelijk in betrekking tot Zeeland, 1902, 162-163. 73 Unger, Geschiedenis van Middelburg in omtrek, 39. 74 Utrechts Archief, Familiearchief Des Tombe, inv.nr. 1758: koopvoorwaarden over de ambachtsheerlijkheid Sint Laurens, publiek te verkopen door de magistraat van Middelburg, 1679 (afschrift). 75 ZA, Archief ambachtsheerlijkheid Ritthem, 1764-1968, inv.nr. 1: voorwaarden waarop het stadsbestuur van Middelburg de ambachtsheerlijkheid Ritthem verkoopt, 28 december 1679 (afschrift). ZA, Familiearchief Schorer, inv.nr. 733: akte houdende voorwaarden waarop het stadsbestuur van Middelburg de ambachtsheerlijkheid Nieuwerkerke in het openbaar verkoopt aan Cornelis Pompe, 1679. 76 Tegenwoordige Staat I, 252. 77 Tegenwoordige Staat II, 501-502. 78 Rijpperda Wierdsma, Politie en justitie210-211. Zie voor de verkoop in Holland: A. van Damme, Verkochte domeinen en ambachtsheerlijkheden in Holland en West-Friesland 1580-1807, Haarlem 1904. 79 De belangrijkste bronnen waaruit de gegevens voor deze analyse zijn verzameld zijn: Lantsheer en Nagtglas, Zelandia IllustrataI-II; De Vos, De vroedschap van Zierikzee-, Nagtglas, Levensberichten, I-IV; Smallegange, Cronyk van ZeelandTegenwoordige Staat van Zeeland, I-II. Ook is gebruik gemaakt van archieven van ambachtsheerlijkheden en familiearchieven in onder meer het Zeeuws Archief. 80 De categorie├źn in de twee tabellen geven het volgende weer. De categorie vererving betreft de heerlijkheden die gedurende de gehele periode vererfden. De categorie aan koop betreft de heerlijkheden (of partijen daarin) die in de betreffende periode een ol meerdere malen werden verkocht. Uiterst geringe partijen (minder dan vijf gemeten) zijn hier buiten beschouwing gelaten. De categorie steden betreft de heerlijkheden die gedurende de gehele periode stedelijk bezit waren. De categorie overig betreft op Zuid- Beveland heerlijkheden waarvan het bezit in een groot aantal partijen versnipperd was en niemand de meerderheid bezat. De categorie totaal betreft het totaal van de heer lijkheden die bruikbare gegevens opleverden voor dit onderzoek. 81 Peter Priester, Geschiedenis van de Zeeuwse landbouw, circa 1600-1910Middelburg 1998, 150. 82 Kesteloo, Domburg in woord en beeld, 19. 83 Lantsheer en Nagtglas, Zelandia Illustrata II, 94, 243-244. 84 Geteld is het aantal families die gedurende deze periode heerlijkheden bezaten die uit sluitend vererfden. De verkopen zijn buiten beschouwing gelaten, omdat deze het beeld te zeer zouden vertroebelen. Eenzelfde heerlijkheid zou dan immers in bezit geweest kunnen zijn van meerdere groepen. Sommige families bezaten heerlijkheden op ver schillende eilanden. Vandaar dat de totale aantallen niet de optelsom zijn van de vier eilanden. 85 Tegenwoordige Staat II, 288-293. 86 De Vos, De vroedschap van ZierikzeeLIX-LX. 87 Lantsheer en Nagtglas, Zelandia Illustrata II, 222-223. 88 M. van der Bijl, Idee en interest; voorgeschiedenis, verloop en achtergronden van de politie ke twisten in Zeeland en vooral in Middelburg tussen 1702 en 1715, Groningen 198118- 23. 89 Van der Bijl, Idee en interest, 21-22. 90 Lantsheer en Nagtglas, Zelandia Illustrata I, 633, 638-639. Kesteloo, Wandelingen door de voormalige smalstad, 7-8, 47. 91 Nagtglas, Levensberichten I, 68 en II, 1052. Zie ook Van der Bijl, Idee en interest, bijla ge XIV, die Pieter Boudaen Courten (vader van Johan en Hendrik) aanduidt als heer van Sint Laurens en Popkensburg. 92 Nagtglas, Levensberichten II, 333-336.

Tijdschriftenbank Zeeland

Archief | 2006 | | pagina 162