gezegd Elewoude, en Philips Simonzn. en pater Willem Hardevust. Het gaat dan over goederen nabij Albrantswaard.411 De locatie van het klooster voldeed aan de criteria die werden gesteld aan de lig ging van een Cisterci├źncerinnen-klooster, namelijk niet te dicht bij een plaats en toch goed gelegen aan de infrastructuur (nabij heid van een haven en dicht bij de weg van Kortgene naar Cats). Bij de overdracht waren aanwezig: leden van het geslacht van Stavenisse, die gronden bezaten alhier en broeder Hendrik, magister van de gran- gia Monsterhoek te Kattendijke, broeder Pieter Wulf en priester-broeder Jan, allen uit Monsterhoek.42' 43) De relatie met Kattendijke en Monsterhoek is duidelijk en blijkbaar was het aantrekkelijker een klooster te stichten op Noord-Beveland, na bij Emelisse, dan in Kattendijke, dus mid den in het gebied van de Heren van Cats, die toen onder andere heer van Emelisse waren. In 1236 wordt de abdij formeel toe gelaten tot de orde van Citeaux.44' De opkomst en groei van de nonnenab- dij (waarin veelal nonnen van adellijke afkomst) zal ongetwijfeld zijn gestimuleerd door Ridder Nicolaas van Cats en zijn zo nen, die in deze tijd ook bezittingen hadden in Emelisse. Bijzonder is dat de Graven van Holland optraden als beschermheer en zich zeer actief hebben bemoeid met deze abdij en dat daarmee werd aangegeven dat de abdij van een groter belang was dan de grangia in Kattendijke. Ze gaven het klooster vele privileges en schonken goederen aan de abdij. Tussen 1241 en 1355 verkreeg de abdij van de opeenvolgende graven van Holland en hoge edelen giften en voorrechten.45' De ouderdom van Cats en Cattendijke Cats is ouder dan Cattendijke. Dekker meldt dat Cats als een der oudste ne derzettingen van Zeeland moet worden beschouwd. Hij noemt hierbij de tiende eeuw.46' Ook moeten we de Romeinse en Karolingische vondsten uit dit gebied vermelden.47' Het was de plaats waar van oudsher de bede en heervaart werd ge houden, maar waar ook het huidetoneel plaatsvond. Behalve in de steden vond dat ook plaats op het platteland: in Zeeland van oudsher in Cats.48' Daartoe heeft waarschijnlijk de zeer grote stelle op de Katse Plaat gediend, die (volgens Hollestelles eigen waarneming) reusachtig groot was en die helaas in 1853 werd afgegraven.49' In een recent artikel, waarin archeologisch onderzoek is inge steld naar andere huidetonelen (inhuldi gingsplaatsen van een nieuwe graaf van Holland en Zeeland) en heervaartplaatsen, zoals de Schepelenberg in Kennemerland en Katwijk aan de monding van de Oude Rijn/Maas, wordt de datering van de vonds ten ingeschat tussen 775-900.50' De vorm van deze krijgsdienstplicht (heervaart) - in het begin vooral als schip heervaart (waarin schepelingen met een aantal voorgeschreven koggen en roeiers werden opgeroepen, de zogenaamde riem- tallen) - was een gevolg van de invallen van de Noormannen en werd ingevoerd in de negende eeuw.51' Dat zou een indicatie kunnen zijn voor de stichting van Cats. Dat zou betekenen dat Cats beduidend ouder is dan Cattendijke en dat de bedijking van daaruit plaatsvond en niet andersom. Mijn conclusie is dat Cats en de Heren van Cats zeer waarschijnlijk betrokken waren of het initiatief hadden genomen voor de bedijking van Kattendijke en dat de eerste eigenaren en edelen van de Van Cattendijkes afkomstig waren en deel uit maakten van dit geslacht. Dat is mijn bescheiden conclusie en in terpretatie van de feiten die nu op tafel liggen. 18 Noten: 1. www.goes.nl.gemeentearchief.kattendijke 2011. 2. Zeeuwsche Encyclopedie. II 1982 p. 141. 3. O. Hoogerhuis. Hofstede Monnikenhof te Kattendijk, in de Spuije, nr. 21, 1989, en Dr. C. Dekker, Zuid- Beveland, Goes, 1982, p. 183. 4. Dr. C. Dekker (a.w.), p. 182. Bron Oorkondenboek Holland en Zeeland (OHZ) I, nr. 221. Dekker weerlegt en beargumenteert dat in deze oorkonde Kattendijke is bedoeld en niet, zoals vermeld, Krabbendijke. 5. J. ab Utrecht Dresselhuis. Monnikenhof, in Nehalennia, 1849, p. 146. 6. Dr. C. Dekker Zuid Beveland, dissertatie Krabbendijke, 1982, p. 101. 7. Dr. C. Dekker, aangehaald werk (a.w.), p. 32.

Tijdschriftenbank Zeeland

De Spuije | 2013 | | pagina 20